h2 { border-top: 1px solid #000; padding-top: 30px; } .vc_tta-panel-heading { border-color: white !important; } .vc_tta-panel-body { border-color: white !important; }

Ervaringsverhalen

Janneke, sociale angststoornis:

Ik had altijd al moeite met telefoontjes aan te nemen. Ik liet het meestal mijn man doen, of ik liet hem gewoon overgaan. Ik kreeg een stress reactie als ik alleen al dat geluid hoorde. Op straat voelde ik me bekeken. Alsof ik iedere keer afgekeurd werd. Op een gegeven moment kreeg ik zelfs angsten als ik bezoek had gehad. Ik ging ieder gesprek na, of ik wel de goede dingen had gezegd, of mensen me nog wel als vriend zouden zien… Het voelde alsof ik steeds meer in een isolement kwam te zitten. Ik ging steeds minder afspreken maar miste ook de warmte, de steun en de gezelligheid van mensen. Zomaar iemand die een keer spontaan op bezoek komt. Ik zat de hele dag maar binnen en de televisie leek mijn enige vorm van gezelschap.

Toen ik me steeds eenzamer voelde en ook steeds angstiger, kwam de behoefte in me op iets te gaan veranderen aan de situatie. Maar ik wist niet hoe. Uiteindelijk heeft mijn buurvrouw me overgehaald in therapie te gaan. Ik volgde de training sociale angst. Het kostte me enorm veel moeite maar wat enorm hielp is dat ik andere mensen op de training ontmoette die dezelfde problemen hadden. Het gaf me een soort veiligheid en ik voelde me minder snel afgewezen. Ik mocht fouten maken, ik mocht zijn wie ik ben. Nu ben ik trots op mezelf. Ik voel me sterk dat ik het allemaal aangegaan ben. De zenuwen komen soms nog wel eens op me af, maar ik weet er nu vaak heel goed mee om te gaan. Ze hebben minder grip meer op me.

Anne, piekerstoornis:

Voortdurend voelde ik de stress. De hele dag door maakte ik me zorgen over wat ik ook maar zou kunnen bedenken. Ik wilde dat mijn partner niet meer met de auto reed maar met de trein naar het werk ging. Nog steeds was ik er niet echt gerust op en daarom belde ik hem iedere keer als hij op zijn werk aangekomen zou moeten zijn.
Ook mijn kinderen mochten niet zelf naar school fietsen. Ook al konden ze allang zelf gaan, ik moest en zou hen blijven begeleiden. Spelen bij anderen was een probleem. Was er water in de buurt? Hoe was daar de verkeerssituatie? Ik betrapte mezelf erop dat ik ging kijken; zorgde dat niemand me zag.

Als ik op de tv een stukje zag over MS, hartfalen of een andere ernstige ziekte dan sloeg de angst toe en leek het alsof ik ook die symptomen had. Op een gegeven moment was er geen minuut meer zonder stress. Nergens kon ik meer van genieten. Dat was het moment waarop ik besloot hulp te zoeken.

Gelukkig vond ik een aardige psychotherapeut die me een heel eind verder heeft geholpen. Zij wees mij op de lotgenotenavonden. Hier heb ik veel waardevolle contacten opgedaan. Ik kan mijn verhaal kwijt en krijg veel bemoediging. Het helpt mee te voorkomen dat ik in mijn oude patroon schiet. Gelukkig ziet mijn leven er nu een stuk comfortabeler uit. De stress slaat zo nu en dan nog wel eens toe, maar is beheersbaar; ik kan zelfs zo nu en dan weer genieten!

Annelies, angstoornis:

Hé, die leuke man … ook hier? En die mooie jonge vrouw … zou zij ook …? Nee, dat kan toch niet. Ze zien er allemaal heel ‘normaal’ uit”. Dat was mijn eerste indruk jaren geleden toen ik voor het eerst deelnam aan een lotgenotengroep van de ADF-stichting. Nog vele keren zou het me verbazen dat zulke ‘normale’ mensen, net als ik, gebukt gingen onder angst of dwang. Ik voelde me minder eenzaam door deze ontmoetingen. “Ik ben dus niet de enige die geplaagd wordt door angsten..

In de groep leerde ik over mijn angsten en ervaringen te praten. Erkenning en begrip zijn voor mij kernbegrippen van de lotgenotengroep. Ik dacht: “Ik ben niet gek en ik ben niet alleen mijn angsten”. En is het niet heerlijk om je triomfen te delen met lotgenoten die snappen wat je doormaakt? Het is fijn dat er mensen zijn die met je meejuichen omdat je zo moedig bent geweest om naar een receptie te gaan, waar je als een berg tegenop zag. De lotgenotengroep geeft het gevoel dat je niet alleen staat. Ook de begeleiders van de lotgenotengroep schromen niet om over hun verdriet en moeilijkheden te vertellen. Uiteraard ontbrak de koffie en thee niet en ook niet onbelangrijk: de humor.  Lachen om jezelf omdat je tot ver voorbij je pensioen wil blijven werken omdat je angstig wordt van de gedachte aan een afscheidsreceptie. 

Wilmie, angststoornis

Leven met een angst- en dwangstoornis is een taboe, vindt Wilmie. “Als je een been breekt en in het gips moet, dan zien mensen dat en wordt het geaccepteerd. Maar bij psychische problemen denken velen dat het aanstellerij is en zeggen ze bijvoorbeeld dat ik beter moet eten en eerder naar bed moet gaan. Het komt dan vanzelf wel goed. Ik heb zoveel onbegrip bij mensen gemerkt en je gaat ook aan jezelf twijfelen.”

De Reekse heeft zelf een angststoornis. “Ik ben bang dat ik niet wegkom uit plekken. Als ik bijvoorbeeld een vreemde ruimte binnenkom, scan ik direct de deuren en de nooduitgang. Deze angststoornis zorgde ervoor dat ik bijvoorbeeld niet op vakantie ging, maar ook niet naar de bioscoop of schouwburg kon. Mijn leven werd er door beïnvloed. Regelmatig kreeg ik paniekaanvallen. Dan kreeg ik hartkloppingen, ging ik hyperventileren en had ik het ontzettend warm.” Ze heeft er een intensieve behandeling opzitten en het gaat met stapjes de goede kant op. Ze staat nog steeds onder behandeling bij het GGZ en daarnaast begeleidt ze volgende maand dus de lotgenotengroep. Ze vervolgt: “In de therapie leer je dat het niet erg is als je angstig bent, je moet het over je heen laten komen. Als je bijvoorbeeld ergens uit angst weggaat, wordt het in de toekomst alleen maar erger.” Tegenwoordig durft ze weer bijvoorbeeld naar de schouwburg te gaan, maar de angst zal nooit helemaal verdwijnen. “Ik durf bijvoorbeeld ook nog niet alleen de snelweg op. Te bang ben ik om in de file terecht te komen en nergens heen te kunnen. De snelweg wordt mijn volgende doel.”

Zoeken
X